Vóór 1940 bestonden er aan de westkant van Nijmegen drie dorpen: Hees, Neerbosch en Hatert. Ze vormden het "Nijmeegse Schependom", want ze werden eertijds bestuurd door burgemeester en schepenen van de stad. In modernere termen gesproken: ze maakten deel uit van de gemeente Nijmegen. Het waren dorpen met weilanden en landerijen en de bevolking leefde voornamelijk van land- en tuinbouw.

Na de oorlog ging de stad zich uitbreiden in westelijke richting. De landbouwgronden werden onteigend en de meeste boerderijen verdwenen. Ook de naambordjes van de dorpen werden weggehaald en Hees, Neerbosch en Hatert werden sindsdien beschouwd als wijken van de stad.

Vóór de oorlog stonden er twee naambordjes "Hees". Het ene stond bij de "Dikke Boom", daar waar Voorstadslaan, Tweede Oude Heselaan en Schependomlaan (toen nog Dorpsstraat) samenkomen. Het andere bordje stond bij café "De Witte Poort", daar waar Kerkstraat, Dennenstraat en Dr. de Blécourstraat samenkomen. Over dit dorp Hees gaat het volgende kermisverhaal.


Kermis in Hees

Hees had vroeger een eigen kermis, onafhankelijk van de Nijmeegse kermis. In de Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant van zaterdag 17 augustus 1867 staan onder elkaar vijf advertenties (zie hierboven) waarin muziek en dansgelegenheid worden aangeboden tijdens de kermis die de dag daarop zal beginnen. Jaren later, op maandag 18 augustus 1919, staat in dezelfde krant dat de eerste kermisdag in Hees welgeslaagd is verlopen. De café's waren overvol. Overal weerklonk muziek en er werd druk gedanst. Vooral in de hotels "Heeslust" en "Buitenlust". Op het kermisterrein trokken kramen, luchtschommels en de "centsdraaimolen" vele bezoekers. Een rit in die draaimolen kostte overigens wel een dubbeltje voor kinderen en 15 cent voor volwassenen. Dat werd als erg duur beschouwd.

Twee dagen later meldde dezelfde krant dat er op de derde en laatste kermisdag een vechtpartij plaats had. Er werd met messen gestoken. Er vielen enkele gewonden en één dode. Ook de Gelderlander van woensdag 20 augustus 1919 meldt de "moord en moordaanslag te Hees". Dat verslag begint als volgt.

De driedaagsche kermis te Hees trok een verbazend groote menigte nieuwsgierigen, die, na jaren van kermisvermaak gespeend te zijn, nu wel weer eens wilden zien, hoe zo'n ouwerwetsche kermis er na vijf jaar uitziet.

Ook hier wordt een opmerking over de duurte gemaakt. Daarna komt dan het verslag over de vechtpartij en de slachtoffers.
We vatten de gebeurtenissen samen.

In café "Buitenlust" werd druk gedanst. Omstreeks middernacht ontstond in de tuin ruzie tussen een achttal jonge kerels. Het waren mannen uit Groesbeek, Ubbergen, Nijmegen en Neerbosch, die betrokken waren geweest bij smokkelpraktijken. Sommigen van hen waren ontevreden over hun aandeel in de buit en gebruikten de Hese kermis om wraak te nemen.
Bij de ruzie werden messen getrokken.

Een eerste slachtoffer kreeg een niet-ernstige wond aan het achterhoofd. Een tweede werd met een mes in de rug gestoken en moest later naar een ziekenhuis worden gebracht. Een derde vechtersbaas, een bekende van de politie, verliet "Buitenlust" en liep in de richting van "Heeslust". Onderweg werd hij in de hartstreek getroffen. Hij werd naar de garage van "Heeslust" gebracht. Toen de arts Dr. de Blécourt arriveerde, was hij al overleden.
Op aanwijzing van getuigen kon de dader van deze dodelijke steek door de politie worden ingerekend. Op woensdag 14 april 1920, ruim een half jaar na de gebeurtenissen in Hees, vergaderde de gemeenteraad over een voorstel om de kermissen in Hees, Neerbosch en Hatert af te schaffen. De meningen waren verdeeld.

Argumenten vóór afschaffing:

  • Er is al een Nijmeegse kermis. Meer dan één kermis in één gemeente is onnodig.
  • Er wordt op de Hese kermis veel gedronken. Weliswaar niet door de eigen bevolking, maar ook anderen komen er op af. En waarlijk niet het beste gedeelte van de Nijmeegse bevolking.
  • Een drankverbod voor bijvoorbeeld alleen de Hese kermis is niet door te voeren, omdat vlakbij in de stad en in de andere dorpen wel alkohol is te krijgen. En de hele gemeente droogleggen terwille van één dorpskermis is ook niet juist. Een gemeentelijk alkoholverbod geldt sinds een jaar al wel voor de week van de Nijmeegse kermis.
  • De mensen uit de dorpen kunnen in Nijmegen kermis komen vieren.


Argumenten tegen afschaffing:

  • Hatert, Hees en Neerbosch zijn kleine plaatsen. Gun die mensen een onschuldig vermaak.
  • De steekpartij van afgelopen jaar had niets met de kermis te maken. Die had ook ergens anders plaats kunnen hebben.
  • In de laatste 30 jaar is er op de Hatertse kermis niets voorgevallen, dat dit voorstel rechtvaardigt.
  • Doek de kermis als geheel op, ook voor Nijmegen zelf. Er is geen enkele reden om voor de buitenwijken een afzonderlijk besluit te nemen.
  • De bewoners van Hatert werken 16 uur en houden dus geen tijd over om naar de Nijmeegse kermis te gaan.


De beraadslaging wordt gesloten. Het voorstel van B. en W., in stemming gebracht, wordt met 23 tegen 4 stemmen aangenomen.
En dat betekende dus het einde van de kermissen in de dorpen Hees, Neerbosch en Hatert.

N.B. Dit verhaal is eerder gepubliceerd in: "Kwartier van Nijmegen", afdelingsblad NGV.